| |
|
|
‘Hier heb ik altijd van gedroomd’
José (36) woont samen en is moeder van Priscilla (17), Dimitri (13), Oliver (10), Max (9) Fleur en Thomas (7) Pépé (2) en Kawah (1). Haar negende kind wordt in april verwacht.
“Al van jongs af aan wilde ik al een groot gezin. Ik kom zelf uit een gezin van vier en dat leek me gezellig. Ik ken dat nog uit mijn jeugd. We waren een hechte familie en dat wilde ik ook voor mezelf creëren. De gezelligheid, altijd een vol huis en mensen om me heen. Dat leek me voor mij ideaal. Ik had nooit grote dromen of ambities, behalve een fijn gezin om me heen. Op mijn veertiende kwam ik mijn ex-man. tegen. Hij was net achttien en we kregen een relatie. Hij deelde mijn droom om een groot gezin te hebben. Bij ons in Brabant is dat ook heel gewoon, dat je een huis vol hebt. Vier jaar later woonden we samen en op mijn negentiende beviel ik van Priscilla. Het was een geplande zwangerschap en ik genoot van het idee dat ik moeder zou worden. Alles stond in het teken van haar. We zijn nog voor de bevalling getrouwd, maar mijn hele huwelijksdag is langs me heen gegaan. Ik was alleen maar met mijn baby bezig.
Het moederschap overtrof al mijn verwachtingen. Om je kind te zien opgroeien en leuke dingen met haar te doen, is heel bijzonder. Ik wilde echt van Priscilla genieten. Van haar eerste stapjes, woordjes en ik wilde alles vanuit haar ogen zien. Na vier jaar kreeg ik Dimitri en daarna kwamen Oliver en Max. Die kwamen wat sneller op elkaar. Dat is erg leuk, want het zijn echt maatjes van elkaar. Nu had ik mijn gezin van vier. Toch begon het weer te kriebelen. Ik wilde weer een baby in mijn armen. Weer zo’n lijfje voelen en genieten van zo iets bijzonders. We besloten dus voor een vijfde te gaan. Praktisch gezien maakt het ook niet zoveel uit, vier of vijf. Het is toch al druk in huis en ik draaide toch al een aantal wasjes per dag. Mijn vriendinnen en ouders reageerden enthousiast. Ze weten hoe ik gek op mijn kinderen ben. Ik was ook heel bewust zwanger. Dit was immers ons laatste kindje om ons gezin compleet te maken. Het werden er twee; Fleur en Thomas. Dat vond ik geweldig. Nu had ik echt die grote familie waar ik altijd zo van droomde.
Met mijn huwelijk ging het ondertussen steeds slechter. Ik werkte fulltime in die tijd. Dat was erg zwaar, want als ik thuiskwam, kon ik het huishouden ook nog eens doen. Dat kwam namelijk helemaal op mij neer. Ik was nog zo jong, 31 jaar, en ik wilde dit niet voor de rest van mijn leven.
Het voelde als een opluchting om weer single te zijn, maar nu kwam alles op mijn schouders terecht. De kinderen woonden bij mij en daarmee droeg ik alleen alle verantwoordelijkheid. En met zes kinderen thuis, is werken lastig. Daarom ging ik, geheel tegen mijn principes, de bijstand in. Het gekke is, hierbij houden ze geen rekening met het aantal kinderen dat je hebt. Na alle vaste lasten, hield ik €35 per week over om van te eten en kleden. Met zes kinderen. Dat is niet te doen. Alleen aan brood ben ik dat al kwijt. Daarom ging ik in die tijd naar de voedselbank. Dat was zo vernederend. Ik, die altijd zelfstandig was en altijd voor zichzelf zorgde, moest ineens een beroep doen op anderen. Ik moest om hulp vragen. Maar voor mijn kinderen stapte ik over die drempel heen.
In die tijd had ik veel steun aan Eloi. Hij heeft een relatie gehad met een vrouw wier kindjes bij de mijne op school zaten. Ik kende hem dus van het schoolplein. Het begon allemaal vriendschappelijk, want we hadden allebei een relatie. Maar kort voordat ik single werd, raakte ook zijn relatie uit. Hij kwam steeds vaker bij me over de vloer, om me te helpen met alle scheidingszaken. Je moet zoveel regelen en invullen. Ook paste hij regelmatig op de kinderen en kon ik altijd bij hem terecht voor wat motiverende woorden. Nadat alles officieel werd, bloeide onze liefde op. Eerst heel voorzichtig. Voor hem was het natuurlijk niet niks; ik had al zes kinderen. Maar hij loopt niet in zeven sloten tegelijk. Toen hij voor me koos, had hij er goed over nagedacht en koos hij voor ons allemaal. Hij ging meteen op een verantwoorde manier met mijn kinderen om. Eloi begon van ze te houden en zorgde echt voor mijn kroost. Hij was te vertrouwen en bood me veel steun. En ik werd verliefd op hem.
Ik zag zo dat hij een goede vader zou zijn en hij had een heel sterke kinderwens. Zijn ex had al drie kids en die wilde er geen meer. Dus Eloi was nog geen vader. Onze liefde is zo sterk en zo puur, dat ik hem alles wilde geven. En zo begon het bij mij weer te kriebelen en verlangde ik naar een kindje van ons samen. Zo kwam nummer zeven, Pépé. Alle kinderen waren blij met hun broertje en het was voor mij ook fijn om te zien dat Eloi geen verschil maakte tussen zijn biologische kind en de andere zes. Al snel daarna raakte ik in verwachting van Kawah en nu komt nummer negen er al aan. Daar zal het ook bij blijven. Ik ben me er heel bewust van dat dit mijn laatste zwangerschap is. Ik merk een groot verschil met de eerste keer. Toen kon ik nog alles doen, maar nu is het zwaar. Ik heb veel last van bekkeninstabiliteit. Eloi moet me zelfs helpen als ik me ’s nachts in bed om wil draaien.
Je groeit erin. Je hebt als moeder niet van de ene op de andere dag zo’n groot gezin. Daarom vind ik het ook niet zwaar of moeilijk. Natuurlijk doe je dingen wel anders. Onze kinderen hebben geen eigen kamer. Priscilla nog wel, maar die gaat straks samen met Fleur slapen. Dat ging niet zonder slag of stoot. Natuurlijk is het voor haar wennen. Ze is een jonge vrouw van 17. Maar ze is wel dol op haar zusje en zo leren we onze kinderen dat ze ook moeten delen. Niet alles in hun leven is vanzelfsprekend en ze zijn absoluut niet verwend in materieel opzicht. Zo laat onze financiële situatie soms wel te wensen over. Eloi heeft een goede baan als afdelingshoofd, maar acht kinderen in de groei grootbrengen, is wel kostbaar. Zo is er bijna iedere maand wel een jarig. Om beurten krijgen ze een groot cadeau. Iets dat ze echt willen hebben. Dus het ene jaar krijgt bijvoorbeeld Priscilla een mooie laptop of Dimitri die spelcomputer die hij zo graag wilde. We vieren ook ieder jaar Sinterklaas. Alle kinderen krijgen dan mooie cadeaus, mede dankzij mijn schoonouders. Zij maken geen onderscheid tussen de oudste zes en de jongste twee. Alle kinderen krijgen iets leuks. Dat helpt ons ook weer.
Toch kunnen we redelijk rondkomen. Voor de kinderen kopen we kleding als ze het nodig hebben en natuurlijk kunnen sommige kledingstukken door meerdere kinderen worden gedragen. We krijgen ook veel van anderen. Voor merkkleding moeten ze zelf werken, maar dat zou ik waarschijnlijk ook willen als we het wel konden betalen. Want zo leren ze de waarde van geld kennen. Mijn oudste dochter werkt in de horeca. Haar eerste salaris ging op aan leuke dingen, maar nu weet ze hoe hard ze voor haar geld moet werken en is ze zuiniger geworden. Daar ben ik trots op.
Ik heb zelf ook een baan, als ouderenverzorgster. Dat is voor mij echt een uitje. Ik werk een paar avonden per week. Als Eloi thuiskomt, vertrek ik. Heerlijk, is dat. Even wat tijd voor mezelf. We komen daar anders weinig aan toe. We gaan soms met zijn tweetjes uit eten, maar
dan hebben we het toch alleen over de kinderen. Dan wil ik het liefst naar huis. Daar creëer wel vaak tijd voor mezelf. Eloi gaat één keer per week ’s avonds sporten. Dan sluit ik me op in de badkamer en ga ik mezelf trakteren op een scrub, masker en heerlijke crèmes. Dat vind ik belangrijk, om er goed uit te blijven zien. Ook al ben ik zwanger van de negende, mijn looks wil ik niet laten verslonzen. En ja, de kapper is kostbaar, dus ik kleur mijn haar zelf. Maar ik moet bekennen dat slaap mijn grootste geheim is. Om het vol te houden en voor mijn uiterlijk. Ik kruip iedere dag tussen de middag in bed voor een kort slaapje. Dat helpt me enorm om het vol te houden en om ’s avonds ook gezellig te zijn. Ook in bed. Mensen zeggen vaak dat je seksleven verandert na een baby, maar daar hebben wij geen last van. We zijn dol op elkaar en we koesteren onze tijd samen.
Mensen kijken daarom toch wel verbaasd op als ze horen dat ik zoveel kinderen heb. Als ik met ze boodschappen ga doen, vragen andere shoppers of ze allemaal wel allemaal van mij zijn. Dat is niet altijd even leuk, maar ik snap dat mensen nieuwsgierig zijn. Hoe we leven en in wel opzicht ons leven verschilt met dat van hen. Ook vragen ze zich af of we de kinderen wel genoeg aandacht kunnen geven. Dat doen we wel. Met ieder kind heb ik een andere band. Met mijn dochter ga ik soms uit, met Dimitri drink ik koffie ’s ochtends en met de kleintjes eet ik graag een broodje in het winkelcentrum. Ik weet waar ze mee bezig zijn en waar hun interesses liggen. Dat is ook mijn voornaamste prioriteit. Dat gaat wel ten koste van de tijd die Eloi en ik samen hebben, maar het zij zo. Ik verheug me nu al op de toekomst. Dan gaan we alle leuke dingen met zijn tweeën doen die we willen; reizen, uit eten gaan en genieten. Misschien zijn we dan inmiddels grootouders. Dat zou ik erg leuk vinden, maar ik word geen oppasoma. Als de mijne groot zijn, ben ik zelf weer aan de beurt.”
naar boven / terug |